Rijksarchief in België

Ons collectief geheugen !

FR | NL | DE | EN
Menu

Social Hotspots: procesdossiers als bronnen voor de geschiedenis van de vroegmoderne Nederlanden

Texte petit  Texte normal  Texte grand

Inhoud

Vanaf de late middeleeuwen speelden rechtbanken een belangrijke sociopolitieke rol op het grondgebied van het huidige België. De uitzonderlijk rijke collectie vroegmoderne procesdossiers van het Rijksarchief in België bevat zowel voor geschiedkundigen als voor genealogen een rijke bron aan informatie voor het meest uiteenlopende onderzoek.

Het project Social Hotspots. Procesdossiers als bronnen voor de geschiedenis van de vroegmoderne Nederlanden focust zich op een speciaal organisme dat ten dienste stond van de vorsten, namelijk het Officie fiscaal van Brabant. Het werd in de 15de eeuw opgericht door Filips de Goede, naar het voorbeeld van gelijkaardige instellingen die waren verbonden aan de Franse parlementen. Er was een Officie fiscaal binnen elke provinciale justitieraad en dit bleef zo tot het einde van het ancien régime. In het hertogdom Brabant bestond het Officie uit een advocaat fiscaal, een procureur-generaal en een of meerdere substituten voor de procureur-generaal, al naargelang van de periode. Het Officie fiscaal was een echt machtsinstrument dat een almaar grotere centraliserende rol speelde en de vorsten in staat stelde om in de verschillende provincies hun beleid te doen toepassen. Als hoeders van de openbare orde waren de officieren fiscaal onder meer verantwoordelijk voor het verdedigen van de maatschappij tegen criminelen en andere misdadigers (vervolging en inbeschuldigingstelling voor de Raad van Brabant), het verdedigen van de politieke en financiële belangen van de vorst en voor het uitoefenen van toezicht op de overheidsambtenaren van hun jurisdictie. Gedurende de hele vroegmoderne tijd werd hun macht almaar uitgebreid, vooral tijdens de woelige laatste jaren van de 18de eeuw.

Het project zet in op twee domeinen:

  • Archiefwetenschap

De voorbije jaren heeft het Rijksarchief Brussel (Vorst) geleidelijk het omvangrijke archief van de Raad van Brabant geïnventariseerd, het opperste rechtscollege van het hertogdom Brabant tijdens het ancien régime. De meest recent geïnventariseerde reeks is de 71 strekkende meter archief van het Officie fiscaal en van procesdossiers van de procureur-generaal, nu ontsloten voor onderzoek. De dossiers gaan over de meest uiteenlopende zaken zoals verbaal of fysiek geweld tegen overheidsambtenaren, valsemunterij of doodslag. Met deze archiefreeks kan beter inzicht verkregen worden in een aantal sociopolitieke spanningen en in de redenen waarom de overheid tussenkwam in het rechtssysteem.  

  • Onderzoek

Parallel aan het archivalische luik is er de doctoraatsthesis die Inès Glogowski in oktober 2017 verdedigde onder leiding van Griet Vermeesch/Anne Winter (VUB), Xavier Rousseaux (UCL) en Harald Deceulaer (Rijksarchief Brussel) die licht wierp op een van de taken van het Officie fiscaal van Brabant en zijn ambtenaren, namelijk het toezicht op de instellingen voor opsluiting in het hertogdom Brabant en de wijzigingen die ze ondergingen tijdens de tweede helft van de 18de eeuw.   

Aan de hand van het archief van het Officie fiscaal en de Raad van Brabant kunnen de taken van toezicht op en omkadering van de gevangenissen bekeken worden als onderdeel van een bredere en complexere institutionele en politieke dynamiek. Als hoeders van de rechten van de vorst – in dit geval de Oostenrijkse vorsten – vormden de officieren fiscaal een schakel tussen de centrale overheden, de koninklijke gevangenissen van Brussel (de ‘criminele’ gevangenis aan de Hallepoort en de burgerlijke gevangenis met de naam Treurenberg) en de kloosters van de Alexianen die ook dienden voor opsluiting. Ze komen dus altijd weer aan bod wanneer het gaat over opsluitingen in het hertogdom, en in het bijzonder in de hoofdstad. Dankzij de archieven die werden nagelaten door de officieren fiscaal merkt men vrij snel dat gevangenissen geen onschuldige plekken waren waar de gedetineerden op doorgang waren in afwachting van hun vonnis. Het waren plaatsen met spanningen, verregaande controles, pogingen om het gerechtsapparaat te rationaliseren en discussies over de rol van een gevangenis aan het eind van het ancien régime. Reglementering, toezicht op de gerechtsofficieren en op het gevangenispersoneel, de detentieomstandigheden van de gevangenen, het zijn allemaal problemen waar de officieren fiscaal mee te maken kregen. Bovendien ging het om instellingen van diverse aard waarover de mening van de overheden geleidelijk aan zou evolueren aan het eind van de eeuw.

Om de plaatsen van opsluiting te analyseren waar de fiscale ambtenaren een eersterangsrol speelden, kunnen verschillende archiefbronnen worden ingezet. Uiteraard is er het archief van het Officie fiscaal van Brabant, waarin de onderzoeker documenten terugvindt zoals lijsten met gevangenen, processen-verbaal van bezoeken aan de criminele en de burgerlijke gevangenis van Brussel, procedures ingeleid tegen weinig scrupuleuze bewakers en nalatige justitieofficieren, of briefwisseling met de centrale overheden over een massa aan onderwerpen gerelateerd aan het gevangeniswezen, onder andere over het onderhoud en de veiligheid van de gevangenissen. Omdat er verbanden zijn met andere centrale en plaatselijke institutionele structuren moet bij dit soort onderzoek ook gekeken worden naar sporen van talrijke vormen van samenwerking. Hier vermelden we onder andere de archieven van het Officie van de Hofwerken, de Oostenrijkse Geheime Raad, de Raad van Financiën en de Rekenkamer of nog, de opsluitingsregisters van het ancien régime.

     

Partners

Het project is een samenwerking tussen het Rijksarchief, de UCLouvain en de VUB. Het wordt gefinancierd door Belspo, in het kader van de BRAIN-projecten (Belgian Research Action through Interdisciplinary Networks).

Medewerkers

  • Promotor: Harald Deceulaer (Rijksarchief Brussel), projectverantwoordelijke
  • Begeleidingscomité: Xavier Rousseaux (UCLouvain), Anne Winter (VUB)
  • Projectmedewerkers: Tom Bervoets (Rijksarchief Brussel) en Inès Glogowski (UCLouvain en VUB)

Publicaties

  • LIBERT Marc, Inventaire des archives du Conseil de Brabant : Dossiers du procureur général (1725-1794), reeks Inventarissen Rijksarchief Brussels Hoofdstedelijk Gewest nr. 88, publicatie nr. 6002, Algemeen Rijksarchief, Brussel, 2019, € 6,00.​
  • BERVOETS Tom en GLOGOWSKI Inès, “ ‘Un bordel public ?’ De Brusselse Treurenberggevangenis op het einde van het Ancien Regime”, in Jaarboek. De Achttiende eeuw, nr. 52 (Schurken, Schelmen & Schandalen), 2020, p. 99-111.
  • GLOGOWSKI Inès, “Entre normes et pratiques. La surveillance des lieux d’enfermement de Bruxelles dans la seconde moitié du XVIIIe siècle”, in Cahiers bruxellois, 52/1, 2021, p. 229-269.
  • DECEULAER Harald en BEHETS Paul, Inventaris van het archief van de Raad van Brabant: Officie Fiscaal. Supplement (1483-1794), reeks Inventarissen Rijksarchief Brussels Hoofdstedelijk Gewest nr. 94, publicatie nr. 6288, Algemeen Rijksarchief, Brussel, 2022,  € 11,00.
  • BERVOETS Tom, BEHETS Paul en DECEULAER Harald, Inventaris van het archief van de Raad van Brabant: Dossiers van de procureur-generaal ((1390) 1461-1794 reeks Inventarissen Rijksarchief Brussels Hoofdstedelijk Gewest nr. 93, publicatie nr. 6281, Algemeen Rijksarchief, Brussel, 2022, €13,00.​

Nieuws

De voorbije jaren werd in het Rijksarchief Brussel (Vorst) binnen het project Social Hotspots. Procesdossiers als bronnen voor de geschiedenis van de vroegmoderne Nederlanden hard gewerkt aan de inventarisatie van de archieven van de Raad van Brabant, de hoogste rechtbank in het hertogdom Brabant tijdens het ancien régime. 71 meter archief van het Officie-Fiscaal en van de procureur-generaal was vooralsnog niet ontsloten en dus onbekend voor onderzoek. Daar komt met de publicatie van twee gloednieuwe inventarissen nu verandering in.

Links

www.belspo.be www.belgium.be e-Procurement